| |
U bent hier: Home - Risico's - Schadelijke stoffen |
|
|
| |
| |
Schadelijke stoffen
Veel stoffen zijn schadelijk voor de gezondheid. Schadelijke stoffen komen voor in
producten zoals verf, lijm, isolatiemateriaal, schoonmaak- en reinigingsmiddelen. Ze
kunnen ook ontstaan tijdens het werk zoals kwartsstof, houtstof, dieselmotoremissies of lasrook.
Het gezondheidseffect is afhankelijk van de schadelijkheid van de stof en de
hoogte van de blootstelling via de luchtwegen of de huid. Daarnaast is de blootstellingsduur van belang en de individuele gevoeligheid van de werknemer. Schadelijke stoffen kunnen dus leiden tot huidaandoeningen, luchtwegaandoeningen en andere interne ziekten. Voor vrouwelijke werknemers wijzen wij op de Handreiking Arbomaatregelen zwangerschap & arbeid van stichting van de Arbeid.
| Welk beroep heeft te maken met schadelijke stoffen? |
Wat zegt de wet- en regelgeving?
Wettelijke verplichtingen
Arbobesluit:
In de volgende hoofdstukken van het Arbobesluit staat regelgeving over schadelijke stoffen:
- Hoofdstuk 4 Gevaarlijke stoffen. Het grootste gedeelte uit dit hoofdstuk is van toepassing op de bouwnijverheid.
- Hoofdstuk 8 Persoonlijke beschermingsmiddelen en veiligheids- en gezondheidssignalering.
In het Arbobesluit zijn voorschriften opgenomen voor de risico-inventarisatie en -evaluatie (RI&E) van gevaarlijke stoffen.
Arbobesluit: Artikel 4.1 Definities (Gevaarlijke stoffen)
- Gevaarlijke stoffen zijn stoffen, mengsels of oplossingen van stoffen waaraan werknemers blootgesteld (kunnen) worden die vanwege de eigenschappen van of de omstandigheden waaronder die stoffen, mengsels of oplossingen voorkomen gevaar voor de veiligheid of gezondheid kunnen opleveren;
- De grenswaarde is het uiterste blootstellingniveau aan een gevaarlijke stof in de individuele ademhalingszone van een werknemer gedurende een gespecificeerde referentieperiode;
- Een ongewilde gebeurtenis is een plotselinge situatie, ongeval, voorval of noodsituatie die gevaar oplevert voor veiligheid en gezondheid van de werknemer of zijn omgeving, en die gelet op de toegepaste stoffen, procedés en maatregelen niet is voorzien.
Arbobesluit: Artikel 4.1B Zorgplicht van de werkgever
- De werkgever zorgt voor een doeltreffende bescherming van de gezondheid en veiligheid van de werknemer. Dit staat los van de risico-inventarisatie- en evaluatie bedoeld in artikel 5 van de arbowet. Daaraan wordt voldaan door allereerst algemeen preventieve maatregelen te treffen die de risico’s ten gevolge van het werk met gevaarlijke stoffen beperken. In aanvulling daarop treft de werkgever maatregelen voor de nog resterende risico’s op grond van de risico-inventarisatie en -evaluatie (RI&E). Onderdeel daarvan is een beoordeling van de aard, de mate en de duur van de blootstelling. Bij de beoordeling hoort het betrekken van onder andere veiligheidsinformatiebladen en grenswaarden. De blootstelling moet vergeleken worden met de grenswaarde die op een gezondheidskundig veilig niveau is vastgesteld. Indien de blootstelling hoger is dan de grenswaarde moet er een plan van aanpak zijn om de blootstelling met behulp van de maatregelen volgens de arbeidshygiënische strategie (artikel 4.4) te verminderen. De werkgever kan ook een «goede praktijk» toepassen. De onderbouwing van een dergelijke goede praktijk moet het betreffende risico aantoonbaar ondervangen.
Arbobesluit: 4.1C Beperking van blootstelling; Algemene preventieve maatregelen
- In dit artikel zijn algemene preventieve maatregelen omschreven die de werkgever in alle gevallen in acht dient te nemen indien arbeid wordt verricht waarbij werknemers kunnen worden blootgesteld aan gevaarlijke stoffen. Deze maatregelen zijn dus niet afhankelijk van de resultaten van de risicobeoordeling op grond van artikel 4.2. In dit artikel wordt onder andere ingegaan op etikettering, ordelijkheid en zindelijkheid, eten en drinken in ruimten waar gevaarlijke stoffen aanwezig zijn.
Arbobesluit: Artikel 4.2 Nadere voorschriften risico-inventarisatie en -evaluatie, beoordelen
- Als werknemers blootgesteld (kunnen) worden aan gevaarlijke stoffen, moet de werkgever inventariseren:
- aan welke stoffen werknemers worden blootgesteld;
- wat de gevaren zijn van deze stoffen;
- wanneer en hoe de blootstelling kan plaatsvinden;
- hoe groot de blootstelling is.
- Voor het vaststellen van blootstellingniveaus wordt gebruik gemaakt van geschikte meetmethodes of kwantitatieve evaluatiemethodes. Hierbij wordt rekening gehouden met:
- de veiligheidsinformatiebladen van de leverancier;
- de omstandigheden tijdens werkzaamheden waarbij gevaarlijke stoffen zijn betrokken (bijvoorbeeld zware lichamelijke inspanning);
- de redelijkerwijs voorziene gebeurtenissen die kunnen leiden tot toename van de blootstelling (bijvoorbeeld periodiek onderhoud).
- De inventarisatie wordt regelmatig herzien, in ieder geval bij aanvang van nieuwe werkzaamheden met gevaarlijke stoffen en bij gewijzigde omstandigheden, of als de resultaten van arbeidsgezondheidskundige onderzoeken hier aanleiding toe geven.
Arbobesluit: Artikel 4.2A Nadere voorschriften risico-inventarisatie en -evaluatie, aanvullende registratie
- Als werknemers blootgesteld kunnen worden aan voor de voortplanting vergiftige stoffen, dan worden met betrekking tot deze stoffen de volgende gegevens in de RI&E vermeld:
- hoeveelheid die per jaar gebruikt wordt of in opslag aanwezig is;
- aantal werknemers op de werkplek waar de stof voorkomt;
- vorm van arbeid die met de stof verricht wordt.
Arbobesluit: Artikel 4.3 Grenswaarden
- De overheid heeft in bijlage XIII van de Arbeidsomstandighedenregeling publieke grenswaarden vastgesteld voor een beperkt aantal chemische stoffen. Bijlage XIII A bevat grenswaarden voor ongeveer 120 stoffen (die geen kankerverwekkende stof zijn), bijlage XIII B bevat grenswaarden voor ongeveer 50 kankerverwekkende stoffen. Als er voor een gevaarlijke stof geen grenswaarde is vastgesteld, dan stelt de werkgever een grenswaarde vast op zodanig niveau dat er geen schade kan ontstaan aan de gezondheid van de werknemer.
Arbobesluit: Artikel 4.4 Arbeidshygiënische strategie
- Om werknemers zo min mogelijk bloot te stellen aan schadelijke stoffen, zijn werkgevers wettelijk verplicht (Arbowet, artikel 3, lid 1) maatregelen te treffen. Hierbij moeten zij de volgende volgorde aanhouden:
- Bronaanpak: pas alternatieve materialen of technieken toe.
- Afzuiging / ventilatie: werk met bronafzuiging, bronomsluiting en goede ruimteventilatie.
- Vermijden blootstelling: voer het meest risicovolle werk het eerst uit of houd het gescheiden van andere werkzaamheden.
- Als bovenstaande maatregelen onvoldoende resultaat opleveren, moeten persoonlijke beschermingsmiddelen ter beschikking worden gesteld aan werknemers. Voor de juiste beschermingsmiddelen kan Productgroep Informatie Systeem Arbouw (PISA) geraadpleegd worden.
Arbobesluit: Artikel 4.10A Onderzoek
- Werknemers hebben recht op een arbeidsgezondheidskundig onderzoek voorafgaand aan de werkzaamheden waarbij zij blootgesteld worden aan gevaarlijke stoffen en bij klachten bij een collega die op soortgelijke wijze aan gevaarlijke stoffen is blootgesteld. Op verzoek van werkgever of betrokken werknemer wordt dit onderzoek herhaald.
Meer informatie
|
|